Mijn pa heeft het kantoor opgericht

Zet de eloquente Franck van Boekel aan tafel met de even welbespraakte vennoot Linda van Hoof en de anekdotes rollen over tafel. Van vakantietips tot hilarische verhalen over het sollicitatiegesprek tussen Franck en Linda. En een discussietje blijft ook niet uit. Thuiswerken of op kantoor zijn? Wat is het meest productief? Wat de uitkomst van de discussie ook is, één ding valt meteen op. We hebben hier niet met prototype accountants te maken! Franck: “In ons huis aan de Generaal Smutslaan 33 richtte mijn pa een kantoortje in, daar moest een slaapkamer voor wijken. Kun je nagaan, met zes kinderen in huis.

Voor gek verklaard

“Ik had mijn mavo gehaald, maar was gezakt voor de havo en moest daarna in militaire dienst. In 1977 zwaaide ik af en toen heeft mijn moeder er bij mijn vader voor gepleit dat hij me in dienst moest nemen. Mijn vader zei ‘Ik begin er enkel aan als je de volgende opleidingen afmaakt’. Hij stelde deadlines om mijn diploma’s PD, MBA, SPD 1 en 2 te halen. Waarom? Omdat ik nu niet het schoolvoorbeeld was van een ijverige student denk ik. Ik moest van hem wel de opleidingen afronden en dat is me gelukt. Ik was wel een frisse-tegenzin-student hoor. Ik ben altijd meer een ondernemer geweest, een verkoper. Toen mijn vader op zijn sterfbed lag, heb ik hem beloofd dat ik de verdere accountantsopleiding zou afronden. En ja, beloftes moet je nakomen. Ik ben blij dat ik hem tijdens zijn ziekte nog, in rolstoel weliswaar, heb kunnen rondleiden tijdens de verbouwing van het kloosterpand naar het huidige kantoorpand. Dat kochten we op de groei, er werkten toen nog maar 13 mensen op kantoor. Iedereen verklaarde ons voor gek, maar ik vond het een goede belegging, een investering. Na het overlijden van mijn vader in september 1987 zetten mijn broer en ik het kantoor voort. En startte de explosieve groei!”

Sparren en aandacht

“Ik heb zo ontzettend veel van mijn vader geleerd. Hij nam me veel mee naar klanten en daardoor leerde je in de praktijk om te gaan met de cijfers, maar meer met de mens achter de onderneming. Die aandacht voor mensen, dat heeft hij me bijgebracht. En dat heb ik ook altijd mooi gevonden, de titel vond ik niet belangrijk, het kunnen sparren met ondernemers wél! Ik was de man van de groei, de omzet, de productie, mijn broer meer de man van de vaktechniek. We groeiden zeer snel. Het was hard werken, maar dat heb ik altijd graag gedaan. Zonder de steun van mijn vrouw Resi was dat trouwens ook nooit mogelijk geweest! Ik was immers ’s avonds nooit thuis.”

Liever op kantoor

Linda lacht, ze herkent het harde werken wel. Als vrouw krijgt ze dan ook nog vaak de vraag hoe ze dat doet, met vier kinderen en al. Maar die vraag is niet relevant: “Wij als ondernemers kiezen in principe voor dag en nacht werken. De rest kun je allemaal gewoon goed regelen. Wat de afgelopen tijd wel duidelijk is geworden, dat we ook best vanuit huis kunnen werken. Iedereen neemt zijn of haar verantwoordelijkheden wel. Eerlijk gezegd hadden wij als vennoten niet gedacht dat het zou werken. Het is ook niet voor iedereen even ideaal natuurlijk, ik zit zelf bijvoorbeeld veel liever op kantoor dan thuis te werken.”

Ouderwets

Franck snapt dat helemaal: “Dat had ik ook altijd. Daar ben ik misschien ouderwets in. Ik denk dat het bij de klanten een goede indruk maakte als ze in het voorbijrijden veel activiteiten zagen op kantoor. Met andere woorden: daar wordt veel en hard gewerkt voor ons. Ik ben er wel van overtuigd dat je werk boven je privé prioriteit moet hebben, als je succesvol wilt zijn. Ik was altijd onderweg, de klanten gingen altijd voor, zij betaalden mijn boterham tenslotte. Mijn vader was ook maar mondjesmaat thuis.” Voor Linda ligt die verdeling toch wat anders: “Ik heb een gedeelde eerste plaats voor privé en klanten hoor. Ik vind het allebei belangrijk. We merken wel dat de jongere generaties daar anders over denken. Die zijn bezig met het zoeken van de juiste balans en werken graag minder om meer me-time te hebben. En dat is prima, maar ik als vennoot heb daar niet voor gekozen.”

Verveling na terugtreden?

Franck: “In mei 2005 fietste ik met een groepje 2.400 kilometer naar Santiago de Compostella. Dat was een soort wake up call. Het kan ook anders dan werken, werken, werken.” Van workaholic naar stoppen met werken, hoe kom je dan je dagen door? Franck stopte in 2001 met de maatschap en stopte tien jaar geleden met werken. “Dat heb ik heel geleidelijk gedaan, ik vond het belangrijk dat alle klanten een hele warme overdracht kregen. Wij zitten heel erg op de relatie en dat wilde ik goed overbrengen. Klanten moesten zich bij mijn opvolger thuis blijven voelen. Wat ik doe om mijn dagen door te komen? Veel reizen met mijn vrouw, vele bestuursfuncties en diverse adviseurschappen. Maar ook klussen in en om het huis. Ik blijf bezig, dat heb ik ook nodig hoor. Als ik dat niet doe, dan word ik snel oud. En ik wil wel ouder worden, maar niet oud zijn!”